✓ Dit product staat voor je klaar in Hilversum
✓ Onze experts helpen je met vragen over al onze producten
✓ Krijg persoonlijk advies over uw luisterruimte
✓ Koop dit product in de winkel of online
✗ Dit product is beschikbaar op aanvraag
✓ Onze experts helpen je met vragen over al onze producten
✓ Krijg persoonlijk advies over uw luisterruimte
✓ Koop dit product online
Fezz Olympia Mono, twee versterkers, één doel: maximale vrijheid
De Fezz Audio Olympia Mono is Fezz' eerste volledig gebalanceerde monoblok-eindversterker. Je koopt hem als stereopaar: twee identieke versterkers, ieder verantwoordelijk voor één luidspreker.
En dat verschil is groter dan alleen "150 watt in plaats van 100 watt". Ieder monoblok heeft zijn eigen voeding, eigen uitgangstrafo's, eigen versterkerschakeling en eigen chassis. Links en rechts delen dus niets van de versterker zelf. Dat is precies de reden waarom monoblokken zo aantrekkelijk kunnen zijn.
Het hart: vier KT88's per kanaal
Waar de geïntegreerde Olympia acht KT88's heeft die over twee kanalen verdeeld zijn, krijgt ieder monoblok vier KT88's.
Die werken in een parallel push-pull AB1-configuratie en leveren ongeveer 150 watt per kanaal. Dat is voor een buizenversterker serieus vermogen.
Per monoblok:
4 × KT88
1 × 12AX7
1 × 12AU7
150 watt uitgangsvermogen
4 en 8 Ω aansluitingen
RCA én XLR-ingang
Volledig gebalanceerde opbouw
Automatische biasregeling
Dempingsfactor >30
Frequentiebereik 16 Hz – 80 kHz
Ingangsimpedantie 100 kΩ
Gewicht circa 16 à 17 kg per monoblok
Dat laatste cijfer: 100 kΩ ingangsimpedantie, maakt hem bovendien een behoorlijk gemakkelijke partner voor een goede voorversterker.
Maar waarom zijn twee monoblokken beter?
Dit is eigenlijk de kern: Bij de geïntegreerde Olympia heeft Fezz al heel ver doorgevoerd wat men met dual mono bedoelt. De versterker heeft intern afzonderlijke versterkerkanalen en voedingen. Een recente meting/inspectie van de geïntegreerde Olympia bevestigde dat dit daadwerkelijk een zeer consequent dual-mono-ontwerp is.
Maar met twee monoblokken gaat Fezz nog één stap verder. Stel dat de linker luidspreker op een bepaald moment een enorme baspiek krijgt. Bij een normale stereo-eindversterker kan zo'n zware belasting via de gedeelde voeding invloed hebben op het rechterkanaal. Bij twee monoblokken bestaat die verbinding simpelweg niet.
Links trekt zijn eigen plan. Rechts trekt ook zijn eigen plan.
Dat kan zich vooral uiten in:
Betere kanaalscheiding
Meer rust in complexe passages
Een stabieler stereobeeld
Meer grip wanneer de muziek dynamisch wordt
Meer autoriteit in het laag
Een groter gevoel van ruimte rondom instrumenten.
Het is overigens belangrijk om dit niet te oversimplificeren: monoblokken maken een versterker niet automatisch beter. Maar wanneer de rest van het ontwerp goed is, geven ze de ontwerper wel de mogelijkheid om ieder kanaal volledig onafhankelijk te optimaliseren en dat is precies wat hier gebeurt.
De uitgangstransformatoren zijn heel belangrijk
Bij een buizenversterker zijn de uitgangstransformatoren ontzettend belangrijk voor het uiteindelijke geluid.
Fezz heeft hier een interessant voordeel: het bedrijf is verbonden met Toroidy, de Poolse transformatorfabrikant van de familie achter Fezz. Fezz gebruikt eigen Toroidy-transformatoren in zijn versterkers.
Dat is geen onbelangrijk detail
Een buizenversterker kan fantastische KT88-buizen hebben, maar als de uitgangstransformator matig is, wordt het uiteindelijk nooit een fantastische versterker.
De Olympia is juist ontworpen rond een relatief breed werkgebied - 16 Hz tot 80 kHz - en heeft een dempingsfactor van >30. Dat vertelt ons dat Fezz met deze versterker niet uitsluitend probeert het klassieke, zachte "buizengeluid" te maken.
Het doel lijkt veel meer:
De muzikaliteit van KT88 combineren met de controle en dynamiek die je normaal eerder bij krachtige transistorversterkers verwacht.
En dan die 150 watt...
Dit vind ik misschien wel het grootste verschil met de geïntegreerde Olympia. 100 Watt is al behoorlijk veel.
Maar 150 watt uit ieder monoblok geeft je een extra hoeveelheid ruimte. Niet omdat je daardoor per se 50% harder gaat spelen. Het belangrijkste is dat de versterker bij normale volumes veel verder verwijderd blijft van zijn maximale mogelijkheden
Dat geeft ruimte voor dynamische pieken. Een symfonieorkest kan bijvoorbeeld gedurende een paar seconden een enorme hoeveelheid energie vragen. Een kickdrum of elektronische bas kan hetzelfde doen. Met 150 watt achter de hand hoeft de versterker op zo'n moment minder snel aan zijn grenzen te komen. En dat hoor je niet noodzakelijk als "harder". Je hoort het eerder als: "wow, dit klinkt moeiteloos."
En de KT88 blijft natuurlijk de KT88
Dat vinden wij persoonlijk een van de aantrekkelijke kanten van de beide Olympia’s. De KT88 staat bekend om zijn combinatie van: kracht + warmte + dynamiek + relatief strakke controle. Het is geen kleine romantische triode die je met een paar watt op een hoogrendementsluidspreker gebruikt. Vier KT88's per kanaal is een heel andere filosofie. Je krijgt daardoor een buizenversterker die je ook aan behoorlijk serieuze luidsprekers kunt hangen. Fezz zelf beschrijft de Olympia dan ook nadrukkelijk vanuit dynamiek, helderheid en tonaliteit, en niet alleen vanuit warmte.
Want als je een zeer transparante high-end luidspreker hebt, wil je niet noodzakelijk een versterker die alles "warmer" maakt.
Je wilt een versterker die de luidspreker muzikaler maakt zonder zijn kwaliteiten te verdoezelen.
Automatische bias: heel prettig
Een ander sterk punt is de automatische biasregeling. Bij veel klassieke buizenversterkers moet je na verloop van tijd de bias van de eindbuizen controleren en eventueel bijregelen. De Olympia doet dat automatisch via zijn biasregeling. Daardoor kunnen de KT88's onder de juiste omstandigheden blijven werken zonder dat jij voortdurend met een multimeter of schroevendraaier aan de slag moet.
Dat maakt deze versterker veel toegankelijker voor iemand die wel de voordelen van buizen wil, maar niet het onderhoudsritueel van een klassieke buizenversterker.
RCA én XLR
Ieder monoblok heeft zowel RCA als XLR. De XLR-ingang past natuurlijk mooi bij het volledig gebalanceerde ontwerp. Als je een goede gebalanceerde voorversterker gebruikt, kun je dus daadwerkelijk een volledig gebalanceerde signaalweg benutten.
En daar komt meteen een andere interessante Fezz bij kijken:
Fezz Sagita Prestige
Als je het systeem helemaal vanuit Fezz wilt opbouwen, is de Sagita Prestige een logische partner voor de Olympia monoblokken.
Dat is een aparte buizenvoorversterker en juist bij de monoblokken wordt het interessant omdat je dan een echte: bron → voorversterker → XLR → monoblok L/R → luidsprekers, configuratie kunt maken.